Chalkí- Apáno Kástro - Potamiá -  Agios Mámas - Káto Potamiá

Beoordeling: Dit is één van de drie wandelingen die de mooie vallei van Potamiá volgen (zie ook Mélanes via de Koúroi naar Chalkí en Mélanes via Kalamítsia en de Koúroi naar Kournochóri). Het landschap opzij van Apáno Kástro is heel mooi, de groene vallei langs de drie dorpen Potamiá is schitterend, vooral in het voorjaar, en de plek van het Byzantijnse kerkje van Agios Mámas straalt een heel bijzondere sfeer uit. Verdient, zoals zo vele wandelingen op Náxos, ook ***. 

Tijd: De eigenlijke wandeltijd bedraagt een goed uur tot in Ano Potamiá, een half uur tot in Káto Potamiá en dan nog een kleine 20 minuten tot bij Agios Mámas. Ten slotte vergt het eind terug tot aan de asfaltweg boven Káto Potamiá nog eens een 25 minuten - in totaal een tweeëneenhalf uur effectieve wandeltijd, maar voor een rustige tocht reken je zoals gewoonlijk het dubbele. Vooraf kun je Chalkí bezoeken, als dat nog niet gebeurd is, en lunchen kun je op het schitterende terras van I Pigí in Ano Potamiá. Voor de terugkeer naar Chóra rijden er soms bussen via Potamiá (vooraf informeren!) ofwel moet je een taxi bellen. Je kunt ook te voet terugkeren naar Chalkí, maar ook dan moet je vooraf informeren naar de uren van de bussen.

Routebeschrijving: Kom je met de bus uit Chóra, dan zie je bij het uitstappen rechtover de kerk van de Panagía i Evangelístria i Protótronos: ze herbergt mooie wandschilderingen en vooral een schitterende ikonostási, maar ze is jammer genoeg meestal gesloten. Het meest kans heb je in de vooravond: dan kun je de  papás soms de kerk zien openen om de vespers te zingen. Zo kun je van de schatten in de kerk en van zijn gezang genieten!

De Panagía i Evangelístria in Chalki.

Van bij de bushalte en de kerk gaan we (met de rug naar de kerk) het straatje in tussen café Chalkí en de apotheek en na 60-70 meter komen we bij de distillerie Vallándris; deze "ergostásio kítrou" ofwel "werkplaats waar kitron wordt gemaakt" is één van de distillerieën van Náxos waar het beroemde citroendrankje wordt gemaakt. De werkplaats is een bezoekje waard; je kunt er ook allerlei variaties van deze lekkere drank kopen...

[Het aangename terras van O Giánnis bereik je door bij Vallándris rechtdoor te gaan.]

Bij Vallándris nemen we een smal straatje rechts en na 150 meter gaan we de eerste straat links in, dan direct rechts en weer direct links. Zo gaan we het dorp uit en komen we op een mooi geplaveid pad tussen muren en olijfgaarden. Eén minuut verder is er een splitsing: wij gaan rechtdoor (rode pijl naar links).  

[Als je anders geen tijd hebt om naar Agios Geórgios Diassorítis te gaan, dan kun je hier eerst rechts gaan (wegwijzer) en na 3 minuten nog 1 minuut links. Daarna keer je op je stappen terug...]

De volgende minuten is het pad wat overgroeid, zeker in het voorjaar, en hier en daar bezaaid met rommel. Na 3 minuten kruisen we wat een nieuwe zandweg zou kunnen zijn, na 5 minuten gaan we door een droge en vrij brede bedding, waarna we rechtdoor hoger gaan. Na in totaal 7 minuten komen we op een grindweg die we even links en dan naar rechts volgen (rode pijl en stippen); de weg wordt gauw weer een mooi pad dat, soms geplaveid, nu echt stijgt tot we na weer 6-7 minuten op een klein pleintje terecht komen bij de kleine kerk (met rechts een wasplaats) van Tsikalarió. We hebben hier een heel mooi zicht op de vallei vol olijfbomen, met aan de overkant Damariónas, verderop links het grote Filóti en helemaal links Chalkí, verzonken in de olijfvelden.

We gaan schuin rechts verder het dorp in, op de breedste geplaveide straat; na enkele minuten wordt de straat een betonweg en zo gaan we weer het dorpje uit. Na 5 minuten wordt onze weg weer een grindweg (rode stippen) en soms zien we Apáno Kástro voor ons liggen, evenals het kerkje Agios Pandeleímonas rechts aan de voet ervan - waar we straks terecht zullen komen. Na 10 minuten komen we tegen een muur aan en rechts ervan (rode stippen) begint een pad tussen een wirwar van rotsen. Het pad blijft de hele tijd mooi en duidelijk rechts van de muur lopen, maar enkele honderden meter voor het kerkje gaan we door een bres in de muur links ervan lopen (stippen). We gaan nu op gras en een vaag pad verder, aan het eind gaan we weer door een bres in de muur en zo komen we bij het nietige kerkje en bij het bord "Kástro Tsikalarioú" aan de andere kant van de muur terecht.

[Wie wil klimmen tot bij de ruďnes van het Venetiaanse Castel d' Alto (in het Grieks Apáno Kástro) kan hier over moeilijk terrein links omhoog klimmen. Het uitzicht is schitterend.]

 

Het Apáno Kástro.

Voor het vervolg van de wandeling blijven we rechts van dezelfde cirkelvormige muur lopen; na 5 minuten moeten we door een roestig hekken en op het hoogste punt van de pas hebben we een prachtig zicht op de vallei rechts van ons en gauw ook op Chóra ver voor ons uit. Na 10 minuten komen we warempel op een oude bestrating van een kalderími terecht; soms is die overgroeid, maar we kunnen goed op de grote boordstenen blijven lopen, tot de oude weg met een bocht over een brugje gaat en zo op een grindweg terecht komt.

Het monopáti voorbij de hoogte van Apáno Kástro.

We volgen deze grindweg rechtdoor, na 20 meter houden we rechts en na enkele minuten - met Chóra voor ons! - beginnen we steil op beton af te dalen - even voor de asfaltweg zien we rechts van ons nog overblijfsels van de oude kalderími. Zo komen we na 8 minuten op de grote weg terecht, die we oversteken - een blauwe bank nodigt ons uit om wat te rusten en te genieten van het uitzicht over de mooie vallei die van Ano over Mési naar Káto Potamiá loopt.

We gaan de vallei in naar beneden, op een betonwegje dat wat later een betontrap wordt; deze komt als de Odós Nikoláou Orfanoú op een pleintje met fontein uit (de platía Filothéou Orfanoú). 

[Voor het vervolg moeten we hier links, in de Odós Giampóura, maar het is echt de moeite waard eerst rechts omhoog te gaan, door het dorp, om zo na drie minuten aan te komen bij het prachtig beschaduwde en grote terras van de taverne I Pigí, met ervoor een bron met overvloedig water en met hoger rechts de grote moderne kerk van Agios Ioánnis Theológos. Rechts van de kerk en over de asfaltweg begint het schitterende pad naar de Koúroi, zie de wandelingen vanuit Mélanes. Daarna keren we terug naar de Platía Orfanóu.]

We gaan dus links in de Odós Giampóura en na 2 minuten dalen we af, even rechts houdend, om op een schitterende plek te komen: het pad loopt in een smalle vallei langs een overvloedige beek (19 mei 2004), met 2 brugjes, banken en veel schaduw - bij de 2de brug houden we rechts.

Daarna dalen we verder af op een mooi pad, in de richting van de kerk van Mési Potamiá; na 3 minuten passeren we er diep onder. We blijven nu altijd de wit geschilderde en geplaveide hoofdstraat rechtdoor volgen, dan nog enkele minuten een betonnen pad, dat vlak loopt zonder verder naar links af te dalen en zo komen we voorbij onder de school van Mési Potamiá.

We gaan rechtdoor (een wegwijzer links wijst naar Pýrgos Kókkou): we volgen nu een eindje een prachtig geplaveid pad en dan lopen we nog enkele minuten vlak, boven de zachte vallei met olijfbomen. Na 5 minuten wijst een wegwijzer links weer naar Pýrgos Kókkou, waar we rechts moeten op een betonnen pad.

[Het loont de moeite waard hier een kleine omweg te maken en eerst links af te dalen in de richting van Pýrgos Kókkou en Néo Perivóli. Zo zie je nog beter de vruchtbare vallei met citroen- en sinaasappelbomen. Na 6-7 minuten is er bij een huis een splitsing naar rechts (wegwijzer Néo Perivóli) en direct komen we in een vallei met een prachtig aangelegd pad, met brugjes, veel water en oleanders.

Het pad naar Néo Perivóli.

Zo komen we na drie minuten bij een prachtig tuin (de "perivóli") terecht, waar we toch even door de open deur naar binnen kunnen piepen...

Néo Perivóli.


Daarna keren we op onze stappen terug, na 3 minuten gaan we bij het huis links en na 6-7 minuten gaan we op het hoofdpad natuurlijk weer naar links voor het vervolg.]

Het betonnen pad volgend bereiken we na 2 minuten Káto Potamiá: voor ons zien we de kerk met een prachtige voorhof, beschaduwd door een grote eucalyptus, en met een betonnen bank - ook een mooie picknickplek...

Daarna keren we even terug, want de weg naar Agios Mámas begint voor de kerk, links naar beneden (een rode pijl op een boom). We dalen de vallei in, steken na 2 minuten het water omzoomd door oleanders over op een betonnen brug en gaan op een betonnen en betegeld pad weer omhoog. Weer 2 minuten verder houden we rechts (rode pijl) en nu lopen we een tijdje over een heel mooi, smal pad boven de vallei, in een brede boog naar links buigend. Na 10 minuten zien we eindelijk en toch nog plots de ruďnes van het kerkje van Agios Mámas aan de overkant van de vallei liggen, met rechts erboven wat er over is van het bisschoppelijk paleis. We dalen nu 1 minuut vrij steil af, steken het vrij brede water over op 3 grote stapstenen en gaan dan op een grindweg rechts verder. Na nauwelijks 10 meter gaan we links op een vaag pad (vergane rode pijl) dat door een soort grasveldje slingert - we richten ons wat links van het nog zichtbare "paleis". We moeten nog door een metalen hek en dan komen we op een veld bij de oude, verlaten kerk van Agios Mámas. De kerk zelf dateert van de 9de eeuw en is open; je kunt er zelfs nog enkele fresco's in ontdekken. 

Agios Mámas

Van bij de kerk kun je via enkele terrassen en vervallen muurtjes met enige moeite klauteren tot bij de resten van wat vroeger de zomerresidentie van de katholieke bisschop was. Nu is het een verwaarloosde boerderij met enkele geiten en kippen die er rondlopen en veel Griekse rommel. Boven een oude deur staat het opschrift:

Ant.s Justinianus archiep NaxoPariensis
has supernas aedes ad sui successorumq. usum
propriis sumptibus erigi curavit Ano Dni 1707.

"Antonius Justianianus, aartsbisschop van Naxos en Paros heeft dit paleis op eigen kosten laten optrekken ten gerieve van zichzelf en zijn opvolgers, in het jaar onzes Heren 1707".

Het "paleis" van de aartsbisschop...

Deze eenzame plek straalt vooral vergane glorie uit - wat heeft er zich hier vroeger afgespeeld en waarom net op deze afgelegen plaats...?

We gaan weg via de aardeweg, na 100 meter gaan we scherp naar rechts en zo komen we in 8 minuten in een grote bocht gemakkelijk bij de rivier uit. Nu nog 1 minuut klimmen, 8 minuten op het schitterend pad boven de vallei en dan in het zicht van Káto Potamiá  links naar beneden op een betonpaadje tot op de brug en dan weer 1 minuten klimmen tot bij de kerk.

We gaan hier links, tot achter de kerk en 10 meter verder vinden we een betegeld straatje dat we rechts omhoog volgen. We volgen altijd de hoofdstraat (met in het midden het kleine gootje), het laatste eind in beton - en zo komen we op de asfaltweg terecht.

Hier wachten we op de bus of bellen we een taxi. Een alternatief ware natuurlijk ook geweest van bij de kerk de terugweg naar Chalkí te volgen - deze weg is trouwens beschreven in de wandelingen vanuit Mélanes.

Voor de printbare versie
met alleen de tekst
in één kolom
hier klikken.