|
Chalkí - Panagía I Drosianí - Moní - Kalóxylos - Chalkí |
||
| Beoordeling: Dit is één van de
wandelingen die het vaakst wordt gewandeld, een must op Náxos. Ze voert
ons langs enkele van de mooiste Byzantijnse kerken, zoals Agios Geórgios
o Diassorítis en de Panagía i Drosianí, en leidt ons door een
prachtig groen landschap over vaak heel mooie paden. Verdient het
maximum van ****. [Bijgewerkt door Raymond op 24 september 2011.] Tijd: De eigenlijke wandeling vergt 1u05 (effectieve wandeltijd) tot in Moní en dan nog eens 50 minuten terug naar Chalkí (effectieve wandeltijd) - maar zoals gewoonlijk moet je met wat rust en genieten van de omgeving zeker het dubbele rekenen (in TWT). Bovendien moet je zeker de kerken van Diassorítis en Drosianí bezoeken: de eerste is eerder zelden open (en zeker niet op maandag), de tweede is vaak te bezichtigen. Ten slotte heb je tijd nodig om te picknicken (bij Rachidiótissa?) of te lunchen (op het mooie terras van To Panórama in Moní?). Het wordt dus een hele mooie wandeldag..., wij wandelden van half elf tot half vier. Routebeschrijving: [Kom je met de bus uit Chóra, dan is de bus van half tien 's morgens heel geschikt. Bij het uitstappen zie je rechtover de kerk van de Panagía i Evangelístria i Protótronos: ze herbergt mooie wandschilderingen en vooral een schitterende ikonostási, maar ze is jammer genoeg meestal gesloten. Het meest kans heb je bij je terugkeer in de vooravond, als je nog wat rust op het terrasje van café Chalkí, bij de bushalte. Dan kun je de papás soms de kerk zien openen om de vespers te zingen. Zo kun je van de schatten in de kerk en van zijn gezang genieten!](0u00) Van bij de bushalte gaan we, met de rug naar de kerk, het straatje in tussen het vroegere café Chalkí en de apotheek en na 60-70 meter komen we bij de distilleerderij Vallándris; deze "ergostásio kítrou" ofwel "werkplaats waar kitron wordt gemaakt" is één van de distilleerderijen van Náxos waar het beroemde citroendrankje wordt gemaakt. De werkplaats die dateert van 1896, is een bezoekje waard; je kunt er ook allerlei variaties van deze lekkere drank kopen.
De ingang van de distilleerderij Vallándris. [Het aangenaamste terras van Chalkí is dat van de taverne O Giannis; als je van bij de bushalte bij Vallándris komt ga je nog even rechtdoor en zo kom je achter het terras terecht. Van bij O Giannis neem je het straatje tussen de taverne en het grote huis en zo kom je weer bij de distilleerderij terecht, waar je voor de rest van de wandeling het smalle straatje links neemt.] Bij Vallándris nemen we een smal straatje rechts dat we honderd meter rechtdoor volgen; we steken dan een betonweg over en zien daar de wegwijzers naar Agios Diassorítis die ons rechtdoor sturen. We volgen het kronkelende wegje een 4-tal minuten, tussen muren (met rode stippen), en komen zo bij een aangename plek met de witte kapel van Agia Marína uit, onder een mooie plataan en eucalyptus; de kapel is werkelijk bovenop een bron met veel water gebouwd, zelfs de vloer ligt soms nat (17 mei 2004, maar op 12 mei 2009 en 24 september 2011 stond de bron droog...). We gaan hier links (bordje Agios Geórgios Diassorítis), en even verder houden we links. Na 2 minuten houden we rechts op het geplaveide pad (weer een bordje) en zo komen we bij de mooie plek van Agios Geórgios o Diassorítis (of de Heilige Joris de Redder), gelegen midden de olijfbomen. Deze kerk is één van de oudste Christelijke gebouwen op het eiland en dateert uit de 11de eeuw.
De kerk van Agios Geórgios o Diassorítis. Na ons bezoek gaan we terug: we buigen eerst links op het geplaveide pad (rode stip) en verder kunnen we weer links ofwel kunnen we helemaal terug naar Agia Marína en daar links gaan: in beide gevallen komen we wat verder op een betonweg terecht, die we naar links volgen. (0u13) Deze weg slingert naar het dorp van Rachí of Monítsa en bij een brug versmalt de weg om verder omhoog te gaan tussen de verlaten huizen. Boven, aan het eind van de bewoning, neem je dan NIET de eerste straat rechts, rechts van een zwart hekken, maar we gaan nog even verder en buigen dan naar rechts op het wegje (wegwijzer Panagía Rachidiótissa) en zo lopen we verder door het verlaten dorp tot bij de kerk van Agios Nikólaos. (0u19) Achter de kerk volgen we verder het betonpad, we houden
wat verder rechts en gauw stijgen we op een mooi rotspad langs een prachtig eikenbos; na 5 minuten komen we bij een
splitsing. [We zouden ook naar rechts kunnen gaan, naar de vallei toe: zo krijgen we een heel mooi zicht op de vallei met de duizenden olijfbomen, links op Moní en rechts op Chalkí. Na 5 minuten wandelen, en op het ogenblik dat het pad op een slordige helling afdaalt naar een grindweg, zien we op een veld links en hoger van ons de Panagía Rachidiótissa...]
Het prachtige pad tussen Rachí en de Panagía Rachidiótissa. Als we dus LINKS gaan, is er na 3 minuten weer een splitsing: we gaan hier rechts omhoog (wegwijzer en rode pijl) - links hebben we een mooi zicht op de oude basilica van de heilige Isídoros. We gaan steil omhoog en komen gauw op een landweg: wat rechts staat de witgekalkte Panagía Rachidiótissa - jammer genoeg is deze kerk altijd gesloten. De eenzame basilica van Agios Isídoros. De Panagía Rachidiótissa. (0u28) Na een pauze bij de Panagía Rachidiótissa volgen we de landweg naar links; na enkele minuten moeten we door een breed hek in betonijzer en even verder loopt de weg dood. We kunnen evenwel een smal aarden pad verder volgen tussen de eikenbomen (rode stip op een boom). Het daalt duidelijk naar rechts af en zo komen we in een rotsachtige bedding terecht (cairns en rode stip). (0u35) We volgen die gedurende exact 2 minuten naar links. Dan
is er een brede afsluiting over de bedding, en gaan we rechts omhoog op
een smal pad tussen hoge muren, met verder mooie cipressen (rode stip). We klimmen nu
2 minuten, houden dan links op enkele stenen treden en komen op een hier
doodlopend wegje uit. [Vroeger konden we dit wat overgroeide en vlakke pad ongeveer 4 minuten volgen: dan steekt het een beekje met water over en gaat het rechtdoor verder op de rechteroever van een andere beek; daarna komt het in de bedding terecht. Na weer 4 minuten komen we op beton dat de bodem versterkt, bij een hekken in de muur: hier gaan we rechts omhoog uit de bedding en volgen een steil rots- en trappenpad gedurende 6 minuten. We komen op de asfaltweg terecht, maar rechtover begint een heel mooi geplaveid pad dat ons recht naar Moní zal leiden - maar eerst gaan we natuurlijk links tot bij de heel mooie kerk van de Panagía I Drosianí!] (0u39) Dat pad is voor het ogenblik (najaar 2011) verder
totaal overgroeid, en dus namen wij het betonwegje RECHTS dat in 3-4
minuten tot op de asfaltweg slingert. We volgen die naar links, maar na
bijna 5 minuten - en even voorbij een bleke stenen muur op onze
rechterkant - kunnen we een smal pad links nemen, dat de vallei zal
oversteken. Zo zullen we een grote bocht van de weg vermijden... (0u53) Rechtover gaat een mooi pad verder; even verder houden
we links en het geplaveide pad blijft heel mooi - het staat nog niet op
de kaart van Terrain Maps! Dit mooie pad leidt ons naar de Panagía I Drosianí. |
Na weer 3 minuten komen we op een prachtig
dwarspad, dat rechts naar Moní stijgt, maar eerst gaan we LINKS tot bij
de Panagía I Drosianí. (0u58)
De Panagía I Drosianí. De Panagía I Drosianí (Onze-Lieve-Vrouw van de Dauw - volgens de
legende wordt de beroemde icoon van Onze-Lieve-Vrouw nat telkens als de
streek in nood of gevaar verkeert) is een vroegchristelijke kerk die
waarschijnlijk teruggaat tot de 6de eeuw; de beroemde fresco's die hier
te zien zijn dateren van de 6de of 7de eeuw. De absis rechts zou zelfs
van de 4de eeuw dateren! In de linker absis is een heel mooie
Onze-Lieve-Vrouw te zien. (0u58) Na ons bezoek dalen we trap weer af naar het pad, dat we links omhoog nemen - even nog is het vlak en zanderig, maar gauw is het geplaveid. Na 2 minuten komen we bij de splitsing, waar we straks van rechts kwamen, en nu gaan we natuurlijk links. Dit pad is vaak heel mooi geplaveid met grote stenen.
Het schitterende plaveisel op het pad tussen de Panagía I Drosianí en Moní. Dan komen we bij de eerste kippenhokken, we houden links en klimmen nog enkele minuten op witte trappen, die in een boog naar rechts tot bij de kerk lopen. (1u06) [Als je hier direct verder rechtdoor gaat, kun je rechtover huis 55 de steile trap rechts naar beneden de vallei in nemen en zo direct aan de terugkeer beginnen - maar veel beter is het eerst het dorp in te gaan.] Rechts van de kerk gaat een trap omhoog tot op de hoofdstraat, die links naar de asfaltweg en het parkeerterreintje leidt. Ook links zie je enkele cafés en vooral het café-restaurant To Panórama; op het terras is het goed zitten en het uitzicht is heel aantrekkelijk - een mooie plek voor de lunch. (1u06) Daarna kun je weer rechts terugkeren en aan het einde van de straat
rechts afdalen naar de kerk; daar gaan we links voor het tweede deel van
de wandeling. We nemen niet de eerste straat rechts, maar wel het pad
rechts dat rechtover het huis 55 steil de vallei in daalt (rode stip) -
even verder staat er een inlichtingenbord over de wandeling en een
houten bord naar Kalóxylos. Het gaat heel mooi
tussen olijfvelden verder, dan komt weer een afdaling, waarbij we links
houden tot op een grote, mooie boogbrug die stromend water (18 mei 2004)
overspant - een prachtige plek! In september 2011 was er nog maar
weinig water... Panorama op Moní. Na weer 2 minuten komen we voorbij een "woodworkshop", met
de snackbar Calliópi, en 2 minuten verder komt de slingerende weg uit op een betonweg.
Hier gaan we rechts naar beneden (wegwijzer), maar even verder, in een bocht en 10 meter voor
het beton eindigt, nemen we een pad links tussen muurtjes (bordje en
rode stip).
Kijkend naar links, op het pad van Moní naar Kalóxylos. Aan het eind van dit traject gaan we weer rechtdoor, zonder op het rotspad dat rechts omhoog gaat te letten. (1u26) We passeren onder brede eiken - sommige zijn een echt kunstwerk - en volgen nu een heel breed rotsachtig pad afdalend tussen muren, met een schitterend zicht op de hele vallei, met Chalkí en Filóti.
Prachtige bomen...! Het pad versmalt en zo
komen we onder een grote mediterrane eik op een grindweg terecht die links naar
beneden slingert, tot we bij een rij esdoorns water oversteken en verder op
een aardeweg gaan (bordje). (1u47) Ongeveer 80 meter VOOR we op de grote weg zouden komen gaan we in een bocht rechtdoor op een breed pad, dat links buigt en zo de asfaltweg oversteekt. Rechtover gaan we verder op beton - even verder zien we de toren Markopolíti; het gaat altijd rechtdoor tot we, vóór we weer op de asfaltweg zouden komen, een geplaveid straatje LINKS nemen (wegwijzer Chalkí): zo komen we langs de Pýrgos Grazía: boven de ingang zien we het wapenschild van de beroemde Venetiaanse familie Barozzi.
De indrukwekkende Pýrgos Grazia in Chalkí.
Nu is de toren gerestaureerd en helemaal in 't wit geschilderd. Even verder komen we naast de Panagía-kerk bij ons vertrekpunt uit. (1u55)
De Panagia I Evangelístria in Chalkí. We kunnen hier - als het niet te laat is, meestal is de bus er om kwart voor 5 - in café Chalkí op de bus wachten. Mooier en rustiger zit je wel op het terras van O Giánnis, waar je kunt komen door het straatje rechtover te volgen tot je achter dit café terecht komt. Een taxi vanuit Chalkí terug naar Chóra kost zo'n 13 € (voorjaar 2004).
Voor
de printbare versie |
|