Falatádos - Xóbourgo - Koumáros - Loutrá - Krókos - Skaládos - Voláx - Falatádos

 

Beoordeling: Deze cirkelvorige wandeling maakt het mogelijk de hoogte van Xóbourgo te beklimmen en doet van daaruit enkele heel mooie dorpen aan in het hart van Tínos; heb je al een wandeling gedaan die het traject van Krókos over Skaládos naar Voláx volgt, dan kies je beter voor het alternatief Falatádos - Xóbourgo - Tripótamos - Chóra.  De wandeling verdient ***.

Tijd: Het traject van Falatádos naar Xóbourgo duurt slechts een goed half uur en wil je Xóbourgo beklimmen, dan vraagt de tocht heen en terug zo'n 20 minuten; dan is het nog 25 minuten tot in Koumáros en een 20 minuten tot in Loutrá. Van hieruit is het weer 20 minuten tot in Krókos. In slechts een 13-tal minuten kom je in Skaládos en daarna kost het je een half uur tot in Voláx. Ten slotte heb je een goede 35 minuten nodig om de cirkel rond te maken tot in Falatádos. In effectieve wandeltijd duurt deze wandeling dus 3u15 - een mooie, volle wandeldag wordt dit weer.  Een taxi naar of van Falatádos kost ongeveer 9 € (mei 2005); maar aangezien de wandeling hetzelfde begin- en eindpunt heeft, zou je ook kunnen overwegen voor die dag een auto te huren...

Routebeschrijving: In Falatádos laat de taxi je misschien uitstappen op de grote weg; in elk geval gaan we de helling (met trappen in het midden) op in de richting van de grote kerk: we komen zo voorbij de school, het dodenmonument en het café "To Katooi", en zo belanden we op de platía Megalochóri, aan de voet van de kerk met de twee torens.

De straat rechts is het begin van de wandeling naar Mirsíni en Liváda, rechts is er ook de mooie taverne "En Falatádoo". Wij gaan hier evenwel links, en verderop in het dorp gaan we even links en direct weer rechts. Verder houden we weer rechts, zodat we naast de gelijkaardige kerk van het gehucht Kathlikádos komen, waar we op de asfaltweg uitkomen.

Korte tijd daarop komen we in een bocht: rechts, bij de hoek van de muur, vertrekt het rechtstreekse pad naar Voláx, waar we vanmiddag weer zullen uitkomen. We gaan de grindweg rechtdoor en omhoog en volgen deze vrij eentonige weg een kwartier - het uitzicht op de hoogte van Xóbourgo wordt wel steeds duidelijker.

In totaal 21 minuten na ons vertrek in Falatádos komen we weer op de asfaltweg uit en rechtover komen we via trappen op een sterk overgroeid pad terecht. Zo komen we in 6 minuten naast een vierkant gebouwde stal uit; we doen een traliehek open en komen op een kruispunt: rechts (wegwijzer) gaat het pad naar Koumáros - als je al in Xóbourgo bent geweest, kun je hier direct rechts gaan, anders kom je hier straks terug.

In de veronderstelling dat je nu eerst de hoogte wilt beklimmen, gaan we op de betonhelling rechtdoor. We volgen de slingerende betonweg zo'n 5 minuten naar boven en komen voor het grote klooster van het Heilig Hart (Ieras Kardías) terecht. We lopen links en dan rechts langs de grote buitenmuur van het klooster in de richting van de hoogte van Xóbourgo.

Vrij gauw zien we een bord dat naar rechts de richting naar het Kástro aanduidt - we bevinden ons nu op een hoogte van 440 meter. 

[Het pad links (groot bord Xóbourgo Ancient Town) leidt in een half uur naar Tripótamos, zie de wandeling Falatádos - Xóbourgo - Tripótamos - Chóra.]

We klimmen de heuvel op en al na 3 minuten komen we door enkele resten van ruďnes; na 8 minuten bereiken we de eigenlijke Venetiaanse resten van het kástro. Maar hier zijn ook resten van veel oudere bouwwerken gevonden, o.a. van de oude stad van Tínos, die gesticht is omstreeks 1000 v.Chr. Tijdens opgravingen zijn ook geometrische en archaďsche beeldjes aangetroffen. Het pad loopt nu met treden verder tot bij het kruis van 1931 en de antennes die de top, 559 meter hoog, bekronen. Het uitzicht hier is schitterend: van het zuidoosten naar het zuidwesten (en van links naar rechts) zien we bij helder weer: Mýkonos met Dílos en Rhínia (en erachter Náxos, Páros en Antíparos), Sýros (met erachter Sífnos, Sérifos en Kýthnos) en het onbewoonde Giáros. Ook alle dorpen die we op onze wandeling aandoen, van Koumáros over Kámbos naar Chatzirádos naar Ktikádos) zijn zichtbaar!
In een kleine 10 minuten zijn we weer beneden.

We wandelen terug tot bij het klooster en volgen nu dezelfde weg als daarstraks: we lopen rechts langs de muur, maar gaan dan niet rechtdoor, maar links - een blauw bordje wijst in de richting van Falatádos. We volgen de slingeringen van de betonweg tot we na enkele minuten voor de stal met het plat dak aankomen. Links van de stal beginnen er twee paden: het rechtse pad (met een blauw wegwijzertje) is het pad naar Falatádos dat we straks gevolgd hebben, maar nu nemen we natuurlijk het linkse pad naar het dorp Koumáros (houten wegwijzer).

Het rotsachtige pad daalt snel af, met een mooi uitzicht op de groene vallei. Reeds na een kleine 10 minuten komen we in Koumáros uit, een mooi dorpje met een hoofdstraat die door drie gewelfbogen is overspannen. 

We lopen voorbij een zelfbedieningscafé en zo het dorp door tot op de asfaltweg, waar er een mooie bron staat. Dan keren we op onze stappen terug en 10 meter voorbij het derde gewelf en het café, bij huis nummer 35, gaan we rechts; even verder gaan we links en zo lopen we in noordwestelijke richting het dorpje uit (rode stip). We komen gauw op een beschaduwd pad terecht, dat vlug afdaalt (rode stip en pijl) in een heel groene vallei. Na 5-6 minuten komen we even op een betonnen helling, we steken het valleitje over en gaan rechtdoor (rode stip) verder op een smal en vlak pad. Even later gaat het met enige moeite door een traliehek, het pad is wat overgroeid en 3 minuten verder komen we op een grindweg - we nemen wel de grindweg die links naar BENEDEN gaat (dus de tweede weg).

We volgen deze weg een 6-tal minuten, waarbij we door een breed open hek gaan, en komen bij Loutrá op de asfaltweg uit. Even links en direct rechts, in de richting van het dorp. Rechts van de school gaan we het dorpje in, in de richting van het museum, voorbij de kerk en in het centrum links. Werp ook even een blik in de zijstraatjes rechts, met de booggewelven. We gaan verder ZW-waarts door het dorp, rechts van het Ursulinenklooster tot we links komen van het grote gebouw van de Jezuďeten.

Hier is er een kruispunt - rechtdoor loopt de mooie stenen trap (grote rode stip) naar het pad naar Kámbos en Chóra - zie het tweede deel van de wandeling Chóra - Xóbourgo - Koumáros - Kámbos - Ktikádos - Chóra. Wij nemen het pad rechts naar de dorpjes Perástra en Krókos: dit gemakkelijke, vlakke pad volgen we 10 minuten tot we onder het dorp Krókos uitkomen. Let op dat je het kruispunt niet voorbijloopt! Na 10 minuten dus gaat er rechts een pad omhoog, er is een blauwe stip op een muur! 

[Rechtdoor leidt dit vlakke pad verder naar de Aedes Sanctae Annae en het dorp Perástra.]

We wandelen nu - in het voorjaar - door een zee van bloemen in de richting van Krókos - op de andere helling achter ons zien we het dorp Smardákitos heel goed liggen. Wij stijgen flink gedurende 7 minuten, buigen naar links met een mooi uitzicht op Loutrá en komen uit op een asfaltweg. We gaan rechts, maar direct weer links op een betonhelling (wegwijzer), een steile klim tot in het dorp Krókos.

We lopen door het rustige dorp, maar na de eerste gewelfde doorgang en direct na het huis met de inscriptie GEIA XARA en het fonteintje met een klein zeilschip gaan we links de trap op - we zien Skaládos al voor ons liggen.

Het pad blijft heel mooi, met afwisselend vlakke stukken en nijdige hellingen, en rond ons zien we weer echte tapijten van veldbloemen.

Na 9 minuten komen we in het dorp uit; We gaan naar links, en dan rechts op een trap die zich links van een kapel bevindt. Zo komen we steeds hoger in het dorp tot we, zoals gewoonlijk, het mooiste uitzicht vinden op het voorhof van de (katholieke) kerk - in de vallei zien we van links naar rechts de dorpen Kámbos, Tarampádos en Smardákitos.

We keren even terug, gaan dan enkele trappen op, gaan door een klein hek en dan naar rechts verder het dorp uit. Even verder moeten we niet in de richting van een klein kerkje, maar we gaan links omhoog op een geplaveide trap - en zo komen we op de asfaltweg, de weg naar Voláx.

We volgen deze weg naar rechts gedurende ongeveer 7 minuten, en dan nemen we de weg naar links (wegwijzer naar Voláx). Na nog 3 minuten nemen we de smalle grindweg links, die in de vallei afdaalt.
Deze weg volgen we nog 7 minuten - we zien Agápi al voor ons liggen. Plots beschrijft de zandweg een scherpe bocht naar rechts, in de richting van Voláx.

[De smallere zandweg rechtdoor leidt naar Agápi, zie de wandeling Tarampádos - Agápi - Voláx. Deze omweg zou in reële wandeltijd zo'n 65 minuten kosten.]

We volgen dus de weg rechts die omhoog en omlaag slingert doorheen een landschap met grote granietblokken, dat sterk gelijkt op het typische landschap rond Falatádos. Na 7 minuten stappen we over een lage afsluiting die de weg over zijn hele breedte verspert en we doen dat nog eens 6 minuten verder. Drie minuten hierna bereiken we de kerk van Voláx en we lopen rechtdoor door dit pittoreske dorp. Een bord wijst de weg naar de bron (pigí) en naar een klein openluchttheater.
We kunnen rechtdoor gaan of deze kleine omweg maken - in ieder geval komen we uit op een charmant kruispunt met mooie bebloemde huizen.

We gaan altijd rechtdoor en we bereiken het eind van het dorp, waar zich het mooie estiatório I Voláx met een aangenaam terras bevindt. Ernaast is er een pergola met oleanders, 2 tafels en stenen banken.

Voor het laatste traject van de dag gaan we vanaf de taverne het dorp uit op de asfaltweg - ver voor ons zien we de kapel van Theoskepastí al, waar we straks moeten langs komen. In de bocht naar rechts van de weg gaan we op een betonwegje rechtdoor, en dit wordt na 2 minuten een grindweg. Het wordt na 6,5 minuut even uitkijken: vlak na een bocht naar rechts is er een pad links tussen muren. We klimmen op dat pad gestaag, na 3 minuten gaat het door een traliehek en dan vervolgen we door een prachtig rotslandschap, dat ons zo'n 14 minuten na ons vertrek uit Voláx tot op een zandweg brengt - hier gaan we rechts.

We volgen deze weg tot we bijna onder de kapel van Theoskepastí komen: in een bocht naar links zien we het oude pad rechts van de weg, en dat kunnen we dan volgen tot bij de kapel. Mis je het pad, dan lopen we verder tot we de wegwijzer naar Theoskepastí zien, waar we dan rechts kunnen klimmen tot bij de mooie kapel.

We gaan verder op het schitterende rotspad; na weer 7 minuten moeten we door een traliehek en na 10 -11 minuten komen we op een grindweg, die enkele minuten later op een asfaltweg uitkomt. Hier waren we vanmorgen al - toen gingen we rechts op de grindweg naar Xóbourgo. Nu gaan we natuurlijk links op de asfaltweg; het is slechts een kleine minuut tot bij de kerk van het gehucht Kathlikádos en dan nog een 5 minuten tot in Falatádos zelf.

In de aantrekkelijke taverne "En Falatadoo"  kunnen we misschien de "tsípouro" (raki) en de heel lekkere mezé proeven.

Als je hier een taxi opbelt, dan is het beter hem beneden op te wachten, aan de kant van de asfaltweg.