Filóti - Agia Marína - Danakós - Fotodótis - Apíranthos
Beoordeling: Een heel mooie wandeling, zowel voor het traject naar Danakós als voor het deel tussen Danakós en Apíranthos. Het Fotodótis-klooster is een heel originele bezienswaardigheid, de klim er naar toe gaat over een prachtige kalderími en de landschappen zijn weer schitterend. De paden zijn soms wat onduidelijk, maar deze beschrijving zal je hopelijk helpen op de juiste weg te blijven. Verdient ***.
Tijd: Je kunt de bus nemen naar Filóti en dan door het dorp omhoog wandelen tot bij de kleine kapel van Agia Marína - dat kost je 35 minuten. Je kunt 20 minuten sparen door de bus, die na Filóti doorrijdt richting Apíranthos en Apóllonas, te laten stoppen bij het kruispunt naar Danakós. Naar Danakós is het 40 minuten wandelen, van daar naar Fotodótis een half uurtje en dan is het weer 45 minuten tot in het mooie Apíranthos. Een totaal van tweeëneenhalf uur effectieve wandeltijd - reken dus op een tocht van een goede vijf uur (TWT), wat betekent dat je in Apíranthos vrij gemakkelijk de bus van half 5 terug naar Chóra kunt halen.
Routebeschrijving: (0u00) Nabij de bushalte in Filóti is het vaak
een hele drukte: het is een kruispunt van de wegen naar Chalkí, naar
Agia Marína, Apíranthos en Apóllonas en naar Damariónas. De meeste
tavernes en winkels liggen vlak in de buurt. We wandelen even in de richting
van
Agia Marína en Apíranthos (naar rechts, kijkend naar het terras van het kafenío O
Plátanos),
we lopen voorbij een eerste straatje met links de apotheek, en gaan dan de eerste
smalle trap links omhoog - op de hoek is er een grootwarenhuis.
We kruisen twee straatjes en als de trap op het 3de dwarsstraatje dood
loopt, gaan we 10 meter links. Vóór de gewelfde doorgang gaan we weer de
trappen omhoog en zo altijd maar hoger. We passeren rechts van van de
kerk van Agios Andréas
met de witte koepel en gaan dan weer links hoger. Boven gaan we even
vlak en dan rechts bij een elektriciteitspaal, maar nemen we direct de trap links en links houdend gaan we zo
naar hoogste deel
van het dorp (waarbij we zeker niet te veel naar rechts gaan). Even is
de trap wat overwoekerd door onkruid, maar daarna stijgen we links
verder op een betere trap. We nemen nog een trap links van een huis,
verder nog links van een huis en
komen zo op een klein
parkeerterrein. Hier gaan we links tot bij het wegje: rechts ervan zijn
er twee
paden: we nemen het linkse pad, een heel mooi pad tussen muren dat in de
richting van de hogere kapel loopt.
(0u12) Gauw biedt het pad een mooi
uitzicht op Filóti. Na een kleine 5 minuten houden we op een
rotsachtige plek rechts om zo de trap te vinden die in vele steile
slingeringen omhoog gaat: we hebben een schitterend panorama over
Filóti, Chalkí, Tsikalarió en rechts Moní en de hele Tragéa-vallei met de
duizenden olijfbomen - het rode dak in het midden is de grote school van
de Tragéa-vallei, naast Chalkí.
(0u22) Na de slingeringen volgen nog 30-40 betonnen treden, tot we op de
asfaltweg uitkomen, die we naar links volgen tot bij het kruispunt. Hier
gaan we rechts, richting Danakós.
[Op dit punt zou de bus ons kunnen
laten uitstappen.]
Even later kunnen we via een smal pad rechts een
bocht van de weg afsteken, en even verder zouden we rechts een ommetje
naar de kapel van de Profítis Ilías - alweer! - kunnen maken, van waar
we een mooi zicht tot helemaal in Chóra hebben; verder zien we het
eiland Páros liggen... Van bij de kapel keren we wat terug om dan
verder rechts te gaan tot bij de volgende bocht van de asfaltweg. Terwijl we nu de slingeringen van de weg volgen, hebben we weer mooie
uitzichten op de toppen, waarbij de kapellen een soort ballet spelen. Na
10 minuten de weg te hebben gevolgd komen we bij de heel bescheiden
kapel van Agia Marína.
Links zien we eerst een pad, dan een grindweg, waar een grote wegwijzer naar het "Ierá
moní Fotodótis" wijst, en dan de asfaltweg naar Danakós. We zullen natuurlijk NIET de grindweg
volgen, hoewel dat duidelijk veel korter zou zijn, maar wel het tweede pad,
direct links van de kapel tussen twee muren. Rechts van de kapel is er
dan nog het derde pad, naar de Zas en de Pýrgos Chimárrou.
(0u37) We nemen dus het pad links van de kapel: we passeren onder
enkele mediterrane esdoorns en zo komen we op een heel mooi pad terecht.
Eerst is het meestal beschaduwd en daalt het in de vallei af. Na 7 minuten houden we rechts. Eerst dalen we nog, dan lopen we vlak
verder op een idyllisch pad tussen verwaarloosde veldjes. Na 11 minuten
staan we voor een ondoordringbare takkenversperring: we omzeilen deze
hindernis via het terras rechts. Daarna dalen we weer af op een
beschaduwd pad, dat soms moeilijk en op een dik bladerdek afdaalt in een
zijvalleitje. We komen in een donkere rotsbedding, waarin nog wat water
loopt (27 september 2011).
(0u50) We kruipen onder een boom en steken met moeite over,
maar aan de overkant vinden we een vlak pad; na 2 minuten wordt het
vager, we moeten rechts over een klein veldje (vage rode pijl op een
rotsje) en klimmen wat omhoog tussen bramen. Zo vinden we een aarden pad
dat gauw duidelijker wordt
We gaan door een hek en buigen links (rode pijl op het muurtje van het
hek): even is het pad mooi en breed, maar wat verder moeten we links
afdalen (rode pijltjes en stippen) en zo komen we weer op een smal pad
tussen bomen.
(0u57) Op een vage splitsing
houden we links, we gaan weer door een hek (cairns), kronkelen naar
beneden en lopen dan opnieuw op vage paadjes
tussen verlaten en door bloemen overwoekerde veldjes.
Na weer enkele minuten komen we naast verzorgde moestuinen, aangelegd op
nieuwe terrassen en we komen op een wegje uit. Het wegje loopt langs een
nieuwe muur, passeert wat verder door een dubbel hekken dat we in het
midden open doen, en we volgen verder deze weg die alweer een pad heeft
verwoest - vroeger, nog in 2004, was dit een prachtig, breed stenen pad, dat een hele tijd
slingerde boven de mooie vallei...
We dalen zo langzaam gedurende ca 7 minuten, maar waar de weg naar links
slingert, vinden we de rest van het mooie pad rechtdoor (rode pijl) - we
zien Danakós al vóór ons.
(1u07) Dit pad heeft duidelijke boordstenen - zo was het vroeger de hele tijd. We kunnen het nog 6 minuten volgen en dan dalen we via een trap links tot op een betonwegje. We volgen dit even rechts, maar al na 1 minuut daalt een paadje links af (rood pijltje) en via een mooie trap komen we beneden in Danakós aan, op een prachtige plek: er staat een heel mooie, brede plataan bij een waterrijke bron en twee watergoten - verder in de vallei lagen er wel vijf watermolens! (1u15)
(1u15) We vervolgen langs het water en het kerkje van de
Zoödóchos Pigí en bij het brugje houden we links. Bij het cafeetje To
Gefyráki (Het Brugje) gaan we links op een betonnen trap die tussen de
huizen omhoog gaat; we stijgen op een 70-tal treden tot we links een
pleintje met 3 bomen zien. Hier nemen we de geplaveide trap rechts, maar
we houden er 2 maal links op. Zo komen we op een betonnen helling tussen
2 taverna's.
Vóór ons zien we weer een betonnen trap en zo gaan we weer omhoog tussen
de twee taverna's en links van de school. Er staat een duidelijk
wandelbord (Fotodótis 20' / Apíranthos 1u15) en een [3].
(1u23) Na enkele minuten en ca. 150 treden komen we op de weg terecht, even gaan we
rechts, maar bijna direct vinden we een ander pad dat links omhoog gaat
[3].
Het pad wordt gauw een prachtige trap die in twee reeksen bochten omhoog
slingert. Na 11 minuten komen we vóór een smalle kloof waar de trap rechts
verder omhoog slingert (rode stip). Wat verder gaan we in een bocht
door een houten hekken en kort daarop houdt het plaveisel op.
Even is het pad stenig, maar wat verder herbeginnen de bleke treden - en
de toren van Fotodótis duikt voor ons op. Nog even afdalen en dan komen
we aan de voet van de toren. (1u44)
Dit versterkte klooster was enkele jaren geleden een ruďne en via een buitentrap rechts opzij
kon je tot boven en naast de koepel van de kerk komen: daar zag je goed hoe de kerk als
het ware in de oude toren ingebouwd is - we konden nog een verrassend goed bewaarde koepel en
de zijbeuken en een
waarschijnlijk originele stenen vloer zien.
Nu zijn de toren en de kerk gerestaureerd: de kerk is van 1 juni tot 30
september open van 11 tot 14 uur (niet op zondag) en een vriendelijke
mevrouw geeft heel wat uitleg (in het Grieks). Zo blijkt dat de kerk
zelf van de 7de-8ste eeuw dateert en dat de toren er later omheen is
gebouwd; de "témplo" of ikonostási is van marmer.
Buiten op de binnenplaats is het heel aangenaam picknicken: in de schaduw van een plataan staan er stoelen rond een grote molensteen...
(1u44) Vanaf de toren volgen we het pad naar het einde van de grindweg en dan gaan
we rechts tot boven het huis dat in de buurt ligt. Hier gaan we enkele trappen
naar beneden ([3] en rode pijl en stip) en links van de druivengaard boven het huis begint het smalle pad -
we hebben er een mooi zicht op de toren, in het oosten ook mooi uitzicht op
enkele kleine eilanden en op Donoússa.
We klimmen even steil te midden van brem en bloemen (23 mei 2004) en komen zo
op een inzinking in de heuvels terecht: we openen 2 hekkens en voor ons krijgen
we een mooi uitzicht op Apíranthos. Na het tweede hekken gaan we links van
een vallei vol bomen.
(1u56) De volgende 5 minuten blijven we een pad langs een muur volgen: soms
is het te overgroeid en lopen we beter rechts ervan. Zo komen we links
en boven het veld met bomen. Hier wordt het even opletten: we gaan niet
links een kleiner valleitje in, maar gaan eerder wat rechts omhoog om zo
via een vaag geitenpad met soms een rode stip verder te gaan. We krijgen
een schitterend zicht op de hele groene vallei van Apíranthos met een
kapel. Van bij een stalletje houden we even links, daarna draaien
we weer rechts, zodat we onderaan een muur weer op het pad terecht
komen. Nu gaat het weer recht naar het kerkje toe. Bij een boerderij
aarzelen we even: hier zou je waarschijnlijk de vallei links kunnen
oversteken om zo bij de kapellen van Agios Geórgios en Agios Pachómios
te komen, maar de boerin stuurt ons naar rechts.
We gaan dus eerst naar rechts, steken een valleitje over en volgen
altijd maar een vaag pad op de rechter flank van de vallei die onder
Apíranthos ligt.
(2u13) Zo komen we ongeveer 150 meter van het kerkje Agios
Geórgios; we gaan er niet naar toe, maar lopen zachtjes omhoog, rechts
van Apíranthos houdend. We dalen nu geleidelijk af, langs paadjes die
in de lengte van de veldjes lopen, tot we wat moeten zoeken om tussen de
rotsen die rechts van ons liggen in een valleitje af te dalen. We komen
op een smal weggetje langs het water terecht, gaan 1 minuut rechts en
ten slotte geraken we via een traliehek en een betonnen brugje links op
een betonnen wegje.
We stijgen nu snel uit de vallei; na 5 minuten laten we een pad links
(dat naar de kapel van Agios Pachómios loopt) en na nog eens 5 minuten
komen we op de grote asfaltweg uit.
We volgen die naar rechts. De bus stopt in de volgende bocht of ook
bij de pantopolío of kruidenierswinkel. Wil je het mooie dorp van
Apíranthos in, dan neem je even verder de trappen die links omhoog
gaan. (2u29)
[Moet je niet dringend een bus halen, dan is een bezoek aan
Apíranthos erg aan te raden. Je kunt hiervoor eerst naar de kerk Kímissis
tis Theotókou wandelen, helemaal rechts in het dorp. Dan ga je links
terug tot op het langwerpig pleintje met het winkeltje van "The
Aperinthian womens association" met allerlei weefsels, met enkele
hippe cafés en met de workshop "Apiranthos Art". Het plein
gaat over in een mooie, met marmer betegelde straat: links ligt het café
Samarádiko met een mooi terras en we komen voorbij het heel smalle
kerkje van Agios Sardónis. Even verder ligt het archeologisch museum
opgericht door Michaďl Bardáni: je ziet er heel veel kleine Cycladische beeldjes, een kleivaasje uit het 3de millennium
v.Chr., een
geometrische trípodos uit de 8ste eeuw, voorhistorische stenen
werktuigen, bronzen speerpunten, enz.
Daarna bereik je een kleine platía met mooie huizen uit 1846 en
1897; erboven zie je het folkloremuseum, bestaande uit drie kamers van
een niet zo oud huis: in de woonkamer, de keuken en de slaapkamer zie je
allerlei traditionele voorwerpen en werktuigen. Je kunt daarna nog even
de straat verder langs wandelen, om dan terug te keren naar je
vertrekpunt bij de hoofdkerk. De bus - als er nog één is - kun je dan
nemen op de grote weg over de brug. Eventueel zul je een taxi moeten
bellen].