In en rond Ioulída |
||
| Beoordeling: Voor wie geen zin heeft
in lange wandelingen of voor wie niet te veel tijd heeft, geven we hier
drie korte wandelingetjes in de omgeving van Ioulída of Chóra. De
telkens weer andere uitzichten over Chóra zijn echt de moeite waard en verdienen
***. Tijd: Het tochtje naar de molens boven Chóra duurt een 40-tal minuten (EWT), over en weer naar de Leeuw duurt ook een 35-40 minuten en het wandelingetje over en weer in de richting van de kapel van Dáfni duurt eveneens een kleine 40 minuten. Routebeschrijving 1 naar de molens (ten zuiden van Ioulída):Op het parkeerterrein van Ioulída nemen we de brede trap rechts van de Ethnikí Trápeza of Nationale Bank. Deze trap buigt even verder naar rechts, passeert rechts van de kathedraal, de zogenoemde "Dimotikiá", en gaat over in een breed geplaveid pad. We zien voor ons de indrukwekkende neoklassieke school, één van de elegantste van Griekenland, maar even eronder gaan we links verder omhoog. We gaan nu nog bijna 10 minuten hoger en hoger op een mooie, oude trap, soms wat overwoekerd, passeren onder een rotskerk door en zien dan op de heuvelkam de molens voor ons liggen.
De heuvelkam met de molens, gezien van op de wandeling [1] naar de Leeuw. Na in totaal 15 minuten sedert ons vertrek kruisen we de asfaltweg -
de oude trap is hier, vanaf een modern kapelletje, zelfs vernieuwd.
Rustend op de steunmuur van de weg zien we links van Ioulída Andros en
verder links Evia. Verder zijn er nog heel wat molenresten: het is inderdaad in Ioulída dat op één plaats het grootste aantal molens staat van heel de Cycladen, nl. 26. Het schijnt dat op deze heuvelrug de noordenwind 300 dagen per jaar waait.
De heuvelrug met de molens. Voorbij de voorlopig laatste molen wordt het "pad" weer duidelijker, maar het blijft overgroeid. We komen tegen een muur met een huis aan en gaan links naar beneden, wat worstelend door brem en kleine struiken. We komen weer op beton en dan op een soort kruispunt: schuin links zijn er 2 paden, maar we gaan rechts tussen muren (+ rode stip). Even later komen we op een grindweg die we links en naar omhoog volgen tot bij de eerste van nog een viertal molenruïnes. We blijven de min of meer vlakke weg links van de molens volgen, maar we gaan niet helemaal tot bij de laatste molen op een heuveltje: bij een grote elektriciteitspaal nemen we het mooie pad links. Na 1 minuten houden we rechts: het zanderige pad wordt mooi rotsachtig en links houdend op een soort driehoekig terrein tussen muren dalen we af naar het hoogste deel van Chóra, Panochóri.
De molens gezien van bij Agios Dimítrios, de parochiekerk van Panochóri. Na weer 5 minuten komen we weer op de asfaltweg terecht en rechtover
gaan we via een betonwegje het dorp in. We kunnen ons oriënteren op de
rode koepel van de kerk van Agios Dimítrios en altijd afdalend komen we
met enig geluk in de buurt uit van de Platía, het centrale plein van
Ioulída... Routebeschrijving 2 naar de Leeuw (ten noordoosten van Ioulída): Als je het wellicht beroemdste antieke monument van Tziá niet kunt bezoeken op de langere wandeling [1] naar Otziás (zie onze wandeling Ioulída - Otziás), kun je ook in 40 minuten over en weer naar de Leeuw wandelen. Vele mensen maken deze wandeling in de vooravond, als het land een rustige sfeer uitademt. Dit traject laat je meteen kennismaken met de hoofdstraat van Ioulída en met een kleine omweg ook met de heuvel van het Kástro. Zoals voor alle andere wandelingen vanuit Chóra vertrekken we van op het parkeerterrein (met bushalte). We gaan links van het winkeltje Kianos door de pittoreske gewelfde doorgang (de stóa) en komen zo op een minuscuul pleintje, de Piátsa, met het terrasje van het café/estiatório I Piátsa. Het straatje links gaat naar het Kástro.[Dit kan een mooie omweg zijn, die je een schitterend panorama over Ioulída verschaft, maar ook over de haven Korissía en over de zee tot het eilandje Makrónissos, Attika en Evia. Op de heuvel van het Kástro lag de kern van de oude stad Ioulída en onderweg zien we trouwens de resten van de muur van de akropolis, gebouwd met grote blokken.] Van op de Piátsa gaan we rechts door een modern gewelf naar het centrum. Na 20 meter houden we bij een groot houten wandelbord rechts; voor ons zien we de kerk met de rode koepel van Agios Dimítrios, we komen langs de mooie bar + terras En Levkoó en bereiken zo na enkele honderden meter via de Odós A. Lazarídi het centrale plein, de "platía", met het "dimarchío" of gemeentehuis. |
We gaan verder en houden bijna direct rechts
van een elektriciteitswinkeltje om de trappenstraat omhoog te gaan (een
bordje wijst naar de "archaíos léoon", de "oude
leeuw"). Na 2 minuten komen we bij de splitsing van de belangrijke
wandelingen [3] (rechts, naar Karthéa) en [1] - het wandelbordje stuurt
ons rechtdoor, en zo komen we na 1-2 minuten bij de grote kerk van Agios
Spiridónas, met ernaast het mooie terras van restaurant To Stéki.
Voorbij de kerk volgen we altijd maar verder de mooie, brede hoofdstraat, licht stijgend. We verlaten de huizen en komen op een prachtig geplaveid pad, waarbij we aan de overkant van de vallei al het vervolg van het pad zien lopen, met eronder de plaats van de Leeuw.
Zicht op de site van de leeuw van Kéa. Ons pad buigt links onder het kerkhof met mooie pijnbomen door en zo krijgen we een mooi zicht achter ons op Chóra. We passeren een mooie bron met de tweekoppige adelaar en krijgen nu ook een mooi zicht op de Leeuw. Het pad maakt verder weer een bocht naar links, bij een bron en onder het kapelletje van Agios Elefthérios - een mooie plek om wat te genieten van het uitzicht op Chóra. De bestrating houdt op en zo komen we 2 minuten daarna bij het ijzeren hekje dat links toegang geeft tot de Leeuw van Kéa.
De leeuw van Kéa. Dit schitterend beeld, daterend van de jaren 600 v.Chr., is een beeld van de archaïsche tijd; de lichte glimlach van het dier herinnert aan de glimlach van de kourosbeelden, zo typisch voor de archaïsche periode (7de - 6de eeuw v.Chr.). Deze leeuw is waarschijnlijk verbonden met de legende van de leeuw die de nimfen achtervolgt. Volgens de mythe zou de bloeiperiode van het eiland, toen rijk aan water (vandaar de oude naam "Hydroussa", van het oud-Grieks "hudoor" = water) en woonplaats van de waternimfen of Naïaden, brutaal verstoord zijn door de komst van een leeuw. De leeuw verjoeg de nimfen, die vluchtten naar het naburige Euboea, waarna een zware periode van droogte volgde. Daaraan kwam slechts een einde doordat Aristaeus, zoon van Apollo, en bekend als uitvinder van de bijenkweek, door offers aan Zeus de zomerwind of meltémi deed ontstaan. Was de glimlach die wij bij de leeuw zien misschien toch eerder een grijns...?
De "glimlach" van de leeuw. Van hieruit kunnen we op onze stappen terugkeren naar het centrum van Ioulída.
Routebeschrijving 3 naar de kapel van Agios Loukás (ten westen van Ioulída): Op het parkeerterrein van Ioulída nemen we de brede trap rechts van
de Ethnikí Trápeza of Nationale Bank. Deze trap buigt even verder naar
rechts, passeert rechts van de kathedraal, de zogenoemde "Dimotikiá",
en gaat over in een breed geplaveid pad. We zien voor ons de
indrukwekkende neoklassieke school, één van de elegantste van
Griekenland, en gaan na een drietal minuten NIET verder links omhoog
(zoals we deden bij route 1 hierboven), maar gaan rechts onder de school
verder. Net voorbij de school begint een mooi pad, dat ons na enkele
minuten laat passeren bij de bron van Tría Pigádia. Hier begint een
prachtige bestrating.
Panorama over Ioulída. Verder krijgen we ook een mooi uitzicht op de baai van Otziás en langzaam ook op Korissía. Wat verder, voor de hoek van een muur + hek, blijven we links van de muur; het pad buigt naar links en blijft vlak, zodat we maar langzaam terecht komen op de stijgende asfaltweg. Volgen we die nog 2 minuten naar links, dan kunnen we voor de bocht een grindweg rechts omlaag nemen. Even verder komen we bij de kapel van Agios Loukás. [Hier gaat een trap omlaag die naar een heel overgroeid monopáti tussen muren leidt. Dit zou volgens wandeling 31 in Dieter Grafs "Western and southern Cyclades" een middel kunnen zijn om bij de kerk van Agios Konstantínos te komen, het echte begin van wandeling [2] naar Milopótamos en Fléa. Voor ons was het pad echt niet begaanbaar en de klauterpartij naar beneden over de helling die wij hebben uitgeprobeerd, zouden we echt niet aanraden. Beter is het dus voor wandeling [2] te starten langs de asfaltweg... - zie onze wandeling Ioulída - Agios Konstantínos - Milopótamos - Fléa - Korissía.] Na de mooie panorama's op Ioulída en de baaien van Otziás en Korissía keren we het best op onze stappen terug. Voor
de printbare versie |
|