Irakliá: wandeling naar grot van Agios Ioánnis |
||
| Beoordeling: Zoals de andere kleine
Cycladen is Irakliá weer zo'n haven van rust. Ook hier kun je in enkele
uren dwars door het eilandje wandelen, met als doel de grot van Agios Ioánnis, de grootste grot van de Cycladen. Het grootste deel van de
wandeling verloopt op vrij brede paden tussen muurtjes, alleen voorbij
Agios Athanásios is er een stuk zonder echt zichtbaar pad. De tocht met
de Express Skopelítis alleen al maakt van een uitstap naar de kleine
Cycladen een belevenis. De wandeling zelf krijgt van ons een ***. Tijd: Om de wandeling van een kleine vier uur (effectieve tijd) in alle rust te kunnen maken moet je vroeg uit Amorgós vertrekken - dat is dan meestal met de Express Skopelítis, die bijna iedere dag om 6 uur vertrekt uit Katápola en je via Koufoníssi en Schinoússa in een goede vier uur naar Irakliá brengt. Je kunt dan diezelfde dag rond 16u30 terug naar Amorgós. De tijd waarover je dus beschikt is nogal beperkt, en daarom is het heel goed als je, zoals wij in mei 2003, de gelegenheid hebt om (toen alleen op dinsdag) om 6u30 de heel snelle Blue Star I te nemen, die in een goede twee uur naar Irakliá vaart, op weg naar Náxos en de Piraeus. Maar: neem ook het ticket terug, voor de Skopelítis, de dag voor je vertrek in Katápola, zodat je zeker weet welke de juiste booturen zijn.... en zodat je rustig van je wandeling kunt genieten. Een rudimentair kaartje van het eiland kun je kopen in de "supermarket" To Perigiáli, aan de achterkant van de gelijknamige taverna. Maar de kaart van de Kleine Cycladen in de reeks van terrain Maps is veel duidelijker... Routebeschrijving: (0u00) Vanaf de havendam van
Agios Geórgios of Káto Chorió gaan we in de richting van het haventje
- we lopen op de lage "promenade", naast het water en onder de
asfaltweg. We komen even op het strand en gaan dan schuin rechts, om dan
de betonstraat naar het binnenland te nemen. De straat is verder
geplaveid, passeert rechts van de taverna/minimarket To Perigiáli. (0u10) De wegwijzer "Agios Athanásios/Panagía/Cave +
[7] stuurt ons links-rechtdoor. De grindweg is soms wat verhard en komt
na 2-3 minuten bij de kapel van Agios Ioánnis - even ervoor gaat een
pad naar rechts [8]: het leidt naar de Voriní Spiliá.
Het mooie pad naar Agios Athanásios. (0u17) Na weer 4-5 minuten komen we even op beton waar we
rechtdoor gaan [7]. Weer wat verder komen we op een splitsing, waar de
wegwijzer Cave/Panagía/Agios Athanásios ons naar links wijzen: het pad
rechtdoor/rechts loopt ook naar Agios Athanásios en is iets korter,
maar de route links is mooier.
Een kruispunt van paden bij een drenkplaats. (0u42) We hebben Agios Athanásios nu recht voor ons en al na
3-4 minuten komen we op een kort betonnen stuk, maar we laten de
betonstrook naar rechts gaan [7] en vinden rechtdoor de sterk
overgroeide resten van de rotsige kalderími, in de richting van de
enkele huizen van Agios Athanásios. Zo vermijden we een heel eind beton
- het pad staat wel niet op de kaart en we volgen even de aanduiding [7]
NIET. Bij de eerste ruïne gaan we toch naar rechts tot op de grindweg
en nu volgen we weer tracé [7], naast de elektriciteitspalen.
Het vervolg van de wandeling naar de grot, voortaan aangeduid met [4]. [Rechts duidt een grote cairn het begin van de wandeling [6] naar Vourkariá aan]. (0u55) Het mooie monopáti zal nu aangeduid worden met de markeringen [4]. Even is het pad wat onduidelijker en loopt het wat verder van de muur, maar dan loopt het weer duidelijk tussen 2 muren [4] - het is wel vrij moeilijk door de losse stenen. Na enkele minuten beschrijven we een scherpe bocht links naar het zuidoosten (met mooi uitzicht op Agios Geórgios en Agios Athanásios) en na weer 3 minuten komt er weer een bocht, nu naar rechts. Zo gaat het vlot 8 minuten verder. |
(1u03) Nu volgt een moeilijker stuk: we volgen eerst een heel vaag pad, nooit of zelden meer dan 10 meter links van een muur, geholpen door steenmannetjes. We klauteren over rotsen en tussen groene struiken en komen zo na 10 minuten op de top van de helling, waar we door een gat in de naar elkaar toelopende muren gaan (steenmannetje én rode stip). We hebben een schitterend uitzicht op heel het eiland, op Panagía met haar blauwe koepel en op de andere eilanden. (1u13) Het bruine spoor van een pad tussen de rotsen is nu duidelijker; we lopen een 200 meter rechts van een muur, vinden weer steenmannetjes en gaan zo, recht naar het zuiden, naar de kruin van de heuvel. Ben je het spoor bijster? Je gaat altijd rechtuit en plots zie je voor je een woud van wegwijzers!! Rechtdoor gaat het naar de 'cave' en onverwacht zijn we weer op een duidelijk, smal pad; diep voor ons zien we het verder lopen, met rechts van ons een prachtig uitgesneden kust.
Het pad naar de grot toe. Er komt nu een lange afdaling van wel 25 minuten, soms voorzichtig lopend over schuivende, losse stenen, tot een bordje ons links omhoog stuurt van het hoofdpad weg - en na 2 minuten zijn we er eindelijk, een groot gat in een groene omgeving. (1u45) Met de kaarsjes die we bij hebben zien
we eigenlijk weinig - daarom is het voor een goede verkenning echt nodig
een goede zaklantaarn bij te hebben, zowel voor de grote grot, als voor
de kleinere, die rechts ligt. Hier is de toegang heel laag, maar later
verbreedt de grot zich tot een grote zaal, met een altaar en dikke
stalagmieten. Hier gaat er, op 28 augustus, in de grote zaal een groot
feest door - je kunt je moeilijk voorstellen dat de priester en heel de
dorpsgemeenschap zich door de lage toegang moet
De toegang tot één van de grotten. De grot zelf is niet wereldschokkend, maar de hele plek en de eenzame wandeling straalt toch een speciale sfeer uit. (1u45) We gaan langs hetzelfde pad terug: bij het vertrek moeten we wel ervoor opletten niet te laag te lopen en ervoor zorgen bij de wegwijzer op de splitsing van het hoofdpad uit te komen. Dan wordt het pad duidelijk en alleen op het eind van de half uur durende lastige klim is het nog even opletten: zorg ervoor steeds dezelfde richting aan te houden naar de lichte inzinking in de heuvel voor je en dan tref je vanzelf al de wegwijzers aan... [Hier moeten we kiezen: ofwel gaan we langs dezelfde weg terug, maar dan moeten we wel weer die hindernis van droge takkenbossen nemen; de richting houden is vrij gemakkelijk, want we zien ons doel, de huizen van Agios Athanásios, goed voor ons liggen. Ofwel gaan we rechts, naar Agia Panagía, waarvan we trouwens de blauwe koepel zien.] (2u15) We kiezen ervoor rechts naar Panagía te gaan. Ook hier is het pad in het begin niet zo duidelijk, maar we zien het verder in de diepte wel tussen de muren lopen - de richting is dus duidelijk. We wandelen dus de rotsachtige helling 50 meter af en voor de rand van het groen zien we een bruin spoor van het pad naar rechts lopen; kronkelend gaan we naar beneden, altijd in de goede richting. Na ongeveer 15 minuten komen we tussen de muren aan en wordt het gemakkelijk. Op dat typisch Irakliaans pad gaan we nu wat op en neer over lichte heuvels tot bij de kerk van Panagía. Laat je in de laatste vallei overigens niet tegenhouden door de balk, bedoeld voor het vee. (2u50) We gaan naar links, op de 'hoofdstraat', de kerk
voorbij. We komen langs het pantopolío/restaurant To Stéki, dat
evenwel vaak gesloten is. Nemen we
toch het muilezelpad links in Panagía, dan gaat het als volgt. In het
begin is het pad soms moeilijk door losse stenen, maar in de lente is
het prachtig overgroeid met bloemen. We dalen 7 minuten af tot in een
vallei en gaan dan weer omhoog en in een wijde boog naar rechts,
gedurende 5 minuten. (3u09) We gaan naar rechts en na 4
minuten komen we aan het T- kruispunt, waar we rechts gaan; 6 minuten
verder, lopend door een on-Grieks zacht glooiend en grazig landschap,
komen we aan het grote kruispunt bij de watertanks. Hier gaan we links: de weg rechtdoor gaat
weer in de richting van
Panagía en daarlangs zouden we gekomen zijn, hadden we in Panagía de
asfaltweg rechtdoor gevolgd.
|
|