| Bezocht in 2003, 2008 en 2010 |
Wandelen en trekken op de KLEINE
|
|||
|
WANDELEN
ALGEMENE LINKS KLEINE
CYCLADEN WANDELINGEN (laatste aanpassing op 9 februari 2013) *** = heel mooi **** = uitzonderlijk NNN = nieuw in 2013 1. Wandeling rond Donoússa *** 2. Irakliá: naar de grot van Agios Ioánnis *** 3. Irakliá: Káto Chorió - Agios Athanásios - Vourkariá en terug N 4. De zuidoostkust van Páno Koufoníssi *** 7. Schinoússa: de zuidelijke stranden 8. Schinoússa: de noordelijke stranden
|
Tussen Náxos en Amorgós, het meest oostelijke
eiland van de Cycladen, ligt een groep van eilandjes die de Kleine
Cycladen worden genoemd - de Mikrés Anatolikés Kykládes. Het gaat om
vier bewoonde eilandjes, nl. Irakliá, Schinoússa, Páno Koufoníssi en
Donoússa en een aantal onbewoonde eilandjes zoals Kéros, Káto
Koufoníssi en Ano en Káto Andikéri. De meeste liggen slechts enkele kilometer ten zuiden en zuidoosten van de zuidpunt van Náxos, alleen Donoússa ligt meer geïsoleerd naar het oosten. De grootste zijn Irakliá (18 km2) en Donoússa (16 km2) - ze zijn ook vrij bergachtig met b.v. als hoogste top de Pápas (419 m), op Iraklía. De bevolking bedraagt telkens ongeveer 100 - 200 inwoners, met een uitschieter voor Páno Koufoníssi (260 inwoners voor slechts 3,8 km2). Tot voor kort waren deze eilandjes erg geïsoleerd en toeristisch heel weinig ontwikkeld. Nu echter legt zelfs de belangrijke bootlijn die de Piraeus via Páros en Náxos met Amorgós verbindt, aan op de Kleine Cycladen (bijna altijd op Irakliá, Schinoússa en Koufoníssi, soms ook op Donoússa). Maar de trouwste bezoeker van deze eilanden is zeker de Express Skopelítis, die vanuit de haven van Katápola op Amorgós praktisch dagelijks de lokale verbinding met Náxos via de Kleine Cycladen verzorgt. Toch blijven de Kleine Cycladen nog altijd kleine oases van rust, zeker buiten de maanden juli en augustus. Maar juist door hun faam van rust en authenticiteit zijn ze, zeker in het hoogseizoen, de laatste jaren een aantrekkelijk reisdoel voor vooral rugzaktoeristen geworden. Dit is vooral te verklaren door de heel grillige rotskust en door de mooie baaitjes en strandjes, o.a. op Schinoússa en Páno Koufoníssi. Het weinig ontwikkelde Irakliá heeft als attractie ook een vrij bekende grot, de zogenoemde "grot van de Cycloop" of van Agios Ioánnis. Het onbewoonde Kéros heeft overblijfselen van de vroegere bewoning van de Cycladische beschaving. Op wandelgebied zijn Irakliá en Donoússa relatief de interessantste - één van de charmes is dat men het hele eiland kan rondwandelen in één dag. Hiervoor is het aangewezen vroeg met de boot te vertrekken vanuit Katápola of Egiáli op Amorgós, omdat je dan vrij vroeg op één van de Kleine Cycladen aankomt, zodat je de tijd hebt rond te wandelen voor de Skopelítis terugkeert. Een andere optie, zeker voor wie de echte rust zoekt, is te logeren op de eilandjes zelf. In de lente van 2009 is er een mooie kaart verschenen van de Kleine
Cycladen, in de reeks Terrain Maps. In de zomer en
het najaar 2009 was ze voorlopig nog maar te vinden in de twee
boekenwinkels van de luchthaven van Athene. Sinds 1 januari 2004 bent u bezoeker nr. Op 25 maart 2010 bezocht de 100 000ste bezoeker deze site! |
De grot van Agios Ioánnis op Irakliá
Het typische
monopáti naar Agios Athanásios op Irakliá
Naar de baai van Porí op Páno Koufoníssi
Het vissershaventje van Parianós
Het strand van Livádi op Donoússa
Het monopáti naar Messariá op Donoússa |
||