Tarampádos - Smardákito - Perástra - Krókos - Skaládos - Agápi - Voláx

 

Beoordeling: Deze wandeling is om verschillende redenen heel interessant: ze start in het mooie dorp van Tarampádos, beroemd om zijn prachtige duiventillen, en ze doet je kennis maken met enkele pittoreske dorpen, zoals Agápi of Voláx, gelegen in hartje binnenland van Tínos. Als je deze twee dorpen al hebt bezocht, kun je kiezen voor een variante van deze wandeling, zie Tarampádos - Perástra - Loutrá - Kámbos - Chóra. Verdient weer ***.

Tijd: Het traject van Tarampádos tot Perástra duurt een klein uurtje (effectieve tijd!). Van Perástra tot Agápi zul je ongeveer 1u40 nodig hebben - de kerk Aedes S. Annae, tussen Perástra en Krókos, is een heel sympathieke picknickplek. Van Agápi naar Voláx wandel je dan weer zo'n 55 minuten. In Vólax kun je dan een taxi bellen. De hele wandeling vraagt dus een effectieve wandeltijd (EWT) van 3u35. Met pauzes en bezoeken zijn wij met deze wandeling bezig geweest van 10u45 tot 18u30 - je moet dus, zoals gewoonlijk, het dubbel rekenen van de reële wandeltijd.

Routebeschrijving:  [Buiten het hoogseizoen moet je, om in Tarampádos te komen, een taxi nemen.]

(0u00) Van op het parkeerterrein lopen we door enkele overwelfde gangen in de richting van de kerk. Op het kruispunt met de wegwijzer "peristeriónes" (duiventillen) naar links zien we de hoofdkerk rechts.
We dalen dus links af, maar gaan even verder rechts; daarna gaat het weer links, de trappen af en gauw zien we een kerkje met een blauw spitsje voor ons.

[Wil je nog meer mooie duiventillen ontdekken, dan is het zeker aangewezen eerst een kleine omweg te maken: tien meter VOOR het kerkje is er een pad LINKS (dit pad gaat richting Kiónia, zie de wandeling Tarampádos - Kiónia - Chóra). Het pad is rotsachtig en  loopt langs een vijvertje, daarna langs een mooie bron met wasplaats; nog wat verder krijgen we uitzicht op enkele mooie "peristeriónes".
Je loopt nog even verder om de dubbele duiventil te ontdekken, die prachtig versierd is; daarna keer je terug tot bij het kerkje met het blauw torentje...]

Terug op het hoofdpad gaan we dus tot bij het kerkje. Van op het terras heb je een schitterend uitzicht over een landschap met wel 10 duiventorens!
Aan de andere kant van het terras dat rond het kerkje loopt, is er een trap die afdaalt; direct gaan we links om in de vallei af te dalen op een trap van steen en beton. We steken een klein brugje over, we gaan weer omhoog en buigen dan links op een mooi pad - let op het uitzicht op Tarampádos met enkele mooie duiventillen. Het pad is nu wat overgroeid; na enkele minuten gaan we NIET links omhoog, maar rechtdoor (rode en blauwe stip). We stappen over 2 balkjes, komen rakelings langs een mooie duiventil en lopen dan enkele minuten verder, tot we op een driesprong links omhoog gaan (rode en blauwe stip). Even later gaan we naar rechts, we passeren zo onder een kapel en een molenruďne, en dalen dan vrij plots af om via een gemetselde trap uit te komen op de asfaltweg.

(0u10) We volgen deze weg even naar links, maar bijna direct nemen we de trap rechts (rode stip); even verder draaien we scherp links, in de richting van het dorp Smardákito. Het pad is  wel overgroeid, we dalen een trap af met een waterslang naast ons en zo komen we op een mooi vlak pad, met enkele vijgenbomen en - in de lente - een massa bloemen.

(0u16) We komen uit op een betonweg en gaan rechtover via een betonnen trap het dorp in. We gaan door enkele overwelvingen en na de tweede doorgang slaan we links af in de richting van de kerk. We komen langs de snackbar of mezedopolío "To Katoď", dan langs het pleintje voor de kerk, met een wasplaats en een overvloedige bron.
We gaan verder op de brede, geplaveide straat en zo gaan we het dorp uit - ga niet omhoog links noch rechts naar de vallei. Na 4 minuten komen we bij een kerkhof en een kerkje met een blauw torenspitsje.

Het pad dat links tussen muren loopt (blauwe stip) gaat in de richting van Kómi - wij gaan NIET links, maar een beetje omlaag en links van de kerk: zo dalen we in de vallei af in de richting van een kerk met een rood dak en een blauwe koepel. Het dorpje Krókos ligt op de tegenoverliggende heuvel, Loutrŕ bevindt zich helemaal rechts.

Na 2 minuten moeten we links gaan en 3 minuten verder weer naar links; het pad is vrij moeilijk begaanbaar en - wat een beetje te vrezen was - 5 minuten verder komen we op een veldje terecht. De grindweg lijkt echter zo dichtbij dat we (één keer is geen scheepsrecht) naar beneden klauteren op geitenpaadjes. Voor ons zien we een soort mausoleum - later zullen we zien dat het om de kerk van de Heilige Anna gaat...

We komen zonder te veel moeilijkheden op de zandweg terecht - een poging om naar het kleine witte kerkje rechts te gaan en zo de vallei over te steken naar de grote kerk van de Heilige Anna loopt op niets uit. Jammer, want we zullen nu een grote omweg van 35 minuten moeten maken via Perástra om zo bijna rechtover uit te komen...!

We gaan dus naar links op de zandweg en we beschrijven een grote bocht om boven het dorp Perástra te komen. Met enige moeite ontdekken we rechts een oud monopáti, 15-16 minuten na ons vertrek op deze zandweg; we klauteren omlaag van de weg en in 3-4 minuten komen we in het dorp uit. We steken een brugje over (er is veel water in het riviertje,  30 april 2005, hetzelfde water dat ons 20 minuten geleden belet heeft de vallei over te steken...) en voor we bij de kerk komen slaan we rechts af. 

Een geplaveid pad brengt ons buiten het dorp (blauwe stippen) en we lopen nu op de andere oever van de diepe vallei van de Megálos Potamós - we keren dus eigenlijk terug in de richting van Loutrá. Na 8 minuten komen we voor korte tijd op een grindweg, maar heel gauw kunnen we verder wandelen op een pad dat begint links van een klein metalen hek (blauwe stip). Zo'n 15 minuten na ons vertrek in Perástra komen we bij de "Aedes Sanctae Annae", de kerk van de Heilige Anna, uit. Deze katholieke kerk is omringd door een aangenaam terras met 7 vreemde witte pilasters. Een half uur geleden stonden we nog rechtover, bij het witte kerkje - maar het water was veel te diep...
Een ideale picknickplek! 

Daarna gaan we nog 10 minuten verder op een mooi, vlak pad, heel aangenaam om te wandelen. Dan komen we bij een T-splitsing en hier gaan we links (blauwe stip op de muur). Als we hier rechtdoor zouden gaan, dan zouden we in 10 minuten in Loutrá komen, rechts van het Jezuďetenklooster. Zo zouden we via Kámbos naar Chóra kunnen terugkeren - zie de wandeling Chóra - Xóbourgo - Loutrá - Kámbos - Ktikádos - Chóra.]

We wandelen nu - in het voorjaar - door een zee van bloemen in de richting van Krókos - op de andere helling achter ons zien we Smardákito heel goed liggen. Wij stijgen flink gedurende 7 minuten, buigen naar links met een mooi uitzicht op Loutrá en komen uit op een asfaltweg. We gaan rechts, maar direct weer links op een betonhelling (wegwijzer), een steile klim tot in het dorp Krókos.

We lopen door het rustige dorp, maar na de eerste gewelfde doorgang en direct na het huis met de inscriptie GEIA XARA en het fonteintje met een klein zeilschip gaan we links de trap op - we zien Skaládos al voor ons liggen.

Het pad blijft heel mooi, met afwisselend vlakke stukken en nijdige hellingen, en rond ons zien we weer echte tapijten van veldbloemen. Na 9 minuten komen we in het dorp uit; we gaan naar links, en dan rechts op een trap die zich links van een kapel bevindt. Zo komen we steeds hoger in het dorp tot we, zoals gewoonlijk, het mooiste uitzicht vinden op het voorhof van de (katholieke) kerk - in de vallei zien we van links naar rechts de dorpen Kámbos, Tarampádos en Smardákito.

We keren even terug, gaan dan enkele trappen op, gaan door een klein hek en dan naar rechts verder het dorp uit. Even verder moeten we niet in de richting van een klein kerkje, maar we gaan links omhoog op een geplaveide trap - en zo komen we op de asfaltweg, de weg naar Voláx.

We volgen deze weg naar rechts gedurende ongeveer 7 minuten, en dan nemen we de weg naar links (wegwijzer naar Voláx). Na nog 3 minuten nemen we de smalle grindweg links, die in de vallei afdaalt.
Deze weg volgen we nog 7 minuten - we zien Agápi al voor ons liggen. Plots beschrijft de zandweg een scherpe bocht naar rechts, in de richting van Voláx.
Willen we eerst naar Agápi gaan, dan moeten we hier rechtdoor de smallere zandweg volgen - later zullen we hier terug moeten komen om verder naar Voláx te gaan. Deze omweg naar Agápi kost ons in reële wandeltijd zo'n 65 minuten.

In de veronderstelling dat we eerst naar Agápi willen, gaan we dus rechtdoor, maar al na 4 minuten is het even opletten: op het ogenblik dat we een mooi uitzicht op Agápi krijgen, zien we een grote rotsblok aan onze rechter kant met een blauwe pijl (+ het cijfer 36 in het rood, zonder enige betekenis). Hier nemen we het pad rechts en we beginnen aan een heel mooie afdaling in de diepe vallei. Rechts zien we enkele duiventillen. Na 9 minuten afdalen komen we op een kruispunt: rechts is er een houten brug, maar we moeten rechtdoor. Het mooie pad komt na nog 4 minuten in de hoofdvallei, opzij van een duiventil. We gaan nog rechtdoor, steken een grote brug over en dan slaan we links af - we klimmen in elk geval NIET op de trap rechtdoor!

Het monopáti loopt nu "en balcon" boven een prachtige, groene vallei, met op de andere flank het dorp Sklavochóri. Na 7 minuten gaat het pad over in een betonnen wegje, dat na enkele minuten in het mooie dorp Agápi aankomt.

We komen door verscheidene overwelfde doorgangen en aan het eind is het straatje zelfs bijna helemaal overwelfd. Links zien we het mooie kafenío O Mitsáras met een aangenaam terras en een schitterend uitzicht - een ideaal plekje om wat uit te rusten of, als je dat verkiest, om de dag in schoonheid te eindigen.

[Je kunt de dag hier inderdaad afsluiten en een taxi bellen - in dit geval is het beter de taxi beneden op te wachten, aan de rand van de asfaltweg en naast de kerk. Daarvoor gaan we het straatje bij het café verder naar beneden, zodat we op de platía Agapítou Filipoússi uitkomen, met het kleine gemeentehuis en erachter een mooie wasplaats met veel stromend water. We buigen naar links naar het andere deel van Agápi en komen zo op de asfaltweg onder de tweede kerk uit - hier wachten we het best op de taxi.]

Maar, als je nog wat energie over hebt, kun je ook verder wandelen naar dat andere heel mooie dorp, Voláx.
Hiervoor keren we op onze stappen terug: we gaan dus opnieuw door de overwelfde doorgangen en we nemen aan het eind van het dorp het geplaveide laantje dat verder het mooie pad wordt dat boven de vallei loopt. Na 10 minuten zijn we al terug bij de grote brug, die we oversteken om dan de trap te nemen rechts van de duiventil. We volgen dit mooie pad zonder te letten op de eventuele zijwegjes; ook bij het kruispunt met links de houten brug gaan we rechtdoor. Het beschaduwde monopáti draait naar links en klimt sterk, met enkele duiventillen aan de linker kant. Na zo'n 20 minuten komen we uit op de zandweg, waar we links gaan; na 4 minuten ten slotte komen we uit op de bredere zandweg, waar we natuurlijk weer naar links gaan, in de richting van Voláx!

De weg slingert omhoog en omlaag doorheen een landschap met grote granietblokken, dat sterk gelijkt op het typische landschap rond Falatádos. Na 7 minuten stappen we over een lage afsluiting die de weg over zijn hele breedte verspert en we doen dat nog eens 6 minuten verder. Drie minuten hierna bereiken we de kerk van Voláx en we lopen rechtdoor door dit pittoreske dorp. Een bord wijst de weg naar de bron (pigí) en naar een klein openluchttheater.
We kunnen rechtdoor gaan of deze kleine omweg maken - in ieder geval komen we uit op een charmant kruispunt met mooie bebloemde huizen.

We gaan altijd rechtdoor en we bereiken het eind van het dorp, waar zich het mooie estiatório I Voláx met een aangenaam terras bevindt. Ernaast is er een pergola met oleanders, 2 tafels en stenen banken. Nog een ideale plek om deze lange dag te beëindigen...

Als je hier een taxi belt, dan kun je rustig de chauffeur opwachten terwijl je iets eet of drinkt in deze mooie taverne.

[Als je werkelijk onvermoeibaar bent, kun je nog verder wandelen naar Falatádos - zie hiervoor het einde van de wandeling Falatádos - Xóbourgo - Koumáros - Voláx - Falatádos.]